Historische rubriek: Duitse verdedigingswerken langs de Drentse Hoofdvaart

Toen in september 1944 de verovering van de brug over de Rijn bij Arnhem mislukte, bleven de geallieerde troepen achter de Rijn. De Duitsers verwachtten een aanval vanuit het westen van Nederland om zo de Duitse verdedigingslinie Westwall aan de noordkant te passeren en dan via de Noordduitse laagvlakte op te trekken naar het uiteindelijke doel: Berlijn. Ze besloten de Westwall vanaf Aken langs de aanwezige watergangen door te trekken tot de Eems/Dollard.

De Duitse Wehrmacht bepaalde hoe en waar de linies moesten worden aangelegd, de Organisation Todt was verantwoordelijk voor de aanleg ervan. Het zogenoemde Arbeitsbereich der National Sozialistisches Deutsche Arbeiter Partei (NSDAP) in Nederland moest de arbeidskrachten leveren en was ook verantwoordelijk voor het toezicht op de arbeiders. Deze aaneensluitende linie van loopgraven, tankgrachten, geschutsopstellingen en verschillende formaten betonnen en aarden bunkers werd in het noorden bekend als de Frieslandriegel of Assener Stellungen.

Verre omgeving

Voor de aanleg van deze verdedigingswerken werden uit de verre omgeving duizenden arbeiders, mannen in de leeftijd van 17 tot en met 50 jaar, gedwongen aan de aanleg ervan te werken. Ze werden ondergebracht in geconfisqueerde gebouwen als scholen en schuren of ze werden, vooral bij boeren, ingekwartierd. Het huidige gebouw van bouwshop Concordia in Dieverbrug was ingericht als gaarkeuken om de arbeiders van voedsel te voorzien. In maart 1945 werkten alleen al in Dieverbrug 1345 spitters onder 104 Duitse soldaten. Er werd gewerkt in weer en wind onder vaak slechte omstandigheden.

Hoewel ze soms geslagen werden door een nazi-opzichter, waren er ook meestal wat oudere Duitse OT soldaten die een oogje dichtknepen als de arbeiders onwillig waren. Onwillige arbeiders kwamen in een strafkamp terecht. In Geeuwenbrug was zo’n kamp in de school gevestigd.

Graafwerkzaamheden

De werkzaamheden bestonden voornamelijk uit graafwerkzaamheden en het plaatsen van grondkeringen van houten palen. Een tankgracht was 7 meter breed en 3 à 4 meter diep en liep aan de westzijde schuin naar beneden. De oostzijde was een heel steile wand nog eens verhoogd met een wal. Dat zou het voor een tank onmogelijk maken over deze hindernis te komen.

De gedachtegang van de Duitsers is moeilijk te volgen, want hoe komen de tanks over de Drentse Hoofdvaart? Dat bleek wel toen gevechtswagens van de Canadese troepen op 11 april 1945 om ongeveer het middaguur vanuit het zuidoosten Dwingeloo binnenreden. De gevechtswagens hadden geen moeite met de tankgrachten, maar de Drentse Hoofdvaart konden ze niet oversteken om Diever te bereiken om het te beschermen tegen een verwachte wraakactie van het Duitse leger.

De Frieslandriegel heeft niet gefunctioneerd omdat de geallieerden langs de oostzijde van de verdedigingslinie optrokken. Ze konden bij Dieverbrug de Drentse Hoofdvaart oversteken via een door burgers in één nacht gebouwde noodbrug.